Wij "Lions" zetten ons lokaal, regionaal, nationaal en wereldwijd belangeloos in voor het goede doel. Door te denken en werken vanuit zeer uiteenlopende professies leren we ook van elkaar en helpen we elkaar. In het filmpje kunt u zien hoe het meer dan 100 jaar geleden in Chicago begon:

 

Lion wordt men op uitnodiging. Lions Club Almere is een mannenclub.

Daarnaast zijn er de gemengde Lions Club Almere Veritas en de jongerenclub (18 - 35 jaar) LEO Club Almere Ventus Novum. De drie clubs werken voor diverse projecten nauw samen.

Indien u:

- belangstelling heeft om een deel van uw tijd te gebruiken om goede doelen te ondersteunen

- actief deel wilt gaan uitmaken van een vriendenclub

- onze doelstellingen kunt waarderen en

- zich kunt vinden in onze erecode,

dan wordt u door het invullen van het Lid worden van de Lions?-formulier uitgenodigd voor een gesprek over het lidmaatschap.

Doelstellingen


De doelstellingen zijn internationaal vastgelegd en gelden ook voor elke Lionsclub:

  1. het tot stand brengen en in stand houden van onderling begrip tussen de volkeren van de wereld; 
  2. het bevorderen van beginselen van goed overheidsbestuur en goed burgerzin; 
  3. een actieve belangstelling hebben voor het maatschappelijke, culturele, sociaal en moreel welzijn van de samenleving; 
  4. de Lionsclubs verenigen in vriendschap, kameraadschap en wederzijds begrip; 
  5. een ontmoetingsplaats bieden voor vrije gedachtewisseling over alle zaken van openbaar belang; maar over partijpolitieke en dogmatische-religieuze opvattingen zal door clubleden echter niet worden gedebatteerd; 
  6. het aanmoedigen van mensen die daarvoor openstaan om dienstbaar te zijn aan de samenleving zonder persoonlijke financiële voordelen; het aanmoedigen van doelmatigheid en het bevorderen van hoge waarden in beroep en bedrijf, zowel in openbare dienst als in persoonlijk handelen.

Erecode

Bij het aangaan van het lidmaatschap geef je aan dat je je volgens de internationaal afgesproken erecode zult gedragen. Van een Lion wordt verwacht dat hij (zij):

  1. zich tijdens zijn werk/leven zodanig zal inzetten dat hij aanspraak mag maken op een goede reputatie;
  2. goede resultaten nastreeft tegen een redelijke vergoeding, zonder gebruik te maken van ontoelaatbare middelen of door anderszins incorrect te handelen;
  3. steeds voor ogen houdt dat zijn positie/carrière niet ten koste van anderen mag worden opgebouwd; degenen die een beroep op hem doen niet in de steek laat en trouw is aan zijn principes;
  4. bij twijfel of zijn positie of handelen tegenover een ander wel rechtmatig of moreel verantwoord is, twijfel wegneemt, ook al is dat strijdig met zijn eigenbelang;
  5. vriendschap niet als middel maar als doel beschouwt; ervan uitgaat dat ware vriendschap niet berust op wederzijds verleende diensten, niets verlangt en diensten aanvaardt in de geest waarin zij worden gegeven;
  6. hij zich steeds bewust is van de plichten ten opzichte van zijn land en leefgemeenschap, zich in woord en daad loyaal gedraagt en zoveel als mogelijk is tijd, energie en middelen voor deze samenleving inzet;
  7. zijn medemensen helpt door mee te leven in gevallen van nood en steun en hulp biedt;
  8. voorzichtig is met kritiek, royaal met lof en zich niet negatief maar constructief opstelt.